Forum Eerste Wereldoorlog Forum Index Forum Eerste Wereldoorlog
Hét WO1-forum voor Nederland en Vlaanderen
 
 FAQFAQ   ZoekenZoeken   GebruikerslijstGebruikerslijst   WikiWiki   RegistreerRegistreer 
 ProfielProfiel   Log in om je privé berichten te bekijkenLog in om je privé berichten te bekijken   InloggenInloggen   Actieve TopicsActieve Topics 

Leo van Bergen Verpleging tijdens de Eerste Wereldoorlog

 
Plaats nieuw bericht   Plaats Reactie    Forum Eerste Wereldoorlog Forum Index -> Medische verzorging Actieve Topics
Vorige onderwerp :: Volgende onderwerp  
Auteur Bericht
Yvonne
Admin


Geregistreerd op: 2-2-2005
Berichten: 45457

BerichtGeplaatst: 12 Sep 2010 13:25    Onderwerp: Leo van Bergen Verpleging tijdens de Eerste Wereldoorlog Reageer met quote


Verpleging tijdens de Eerste Wereldoorlog


Verpleging in de jaren 1914-1918 was een harde, zeer vermoeiende en ondankbare taak die er ook nog eens op gericht was de soldaten niet gezond, maar gevechtsklaar te maken

door Leo van Bergen

Onderstaande lezing, over geschiedenis van de verpleging ten tijde van de Eerste Wereldoorlog, werd onder de titel 'Kunnen we er maar niet beter mee ophouden?' gehouden op 5 maart 2010 in het Radboud Ziekenhuis te Nijmegen. Van Bergen maakt duidelijk dat verpleging een zeer vermoeiende bezigheid was niet alleen vanwege het werk zelf, maar ook vanwege de gruwelijke taferelen die de verpleegkundigen te zien kregen.

Omdat het ook nog eens de bedoeling was de soldaten gevechtsklaar te maken zodat ze na verpleging alsnog konden doden of gedood konden worden, waardoor hen niet altijd de sympathie van de soldaten ten deel viel, begonnen enkelen zich af te vragen of het niet meer in de geest van Hippocrates was om dit soort verpleging niet langer uit te voeren.


Dit artikel mag Forum Eerste Wereldoorlog overnemen met vriendelijke toestemming van de auteur Leo van Bergen.
_________________
Met hart en ziel
De enige echte

https://twitter.com/ForumWO1


Laatst aangepast door Yvonne op 16 Sep 2010 20:53, in totaal 1 keer bewerkt
Naar boven
Bekijk gebruikers profiel Stuur privé bericht Verstuur mail Bekijk de homepage
Yvonne
Admin


Geregistreerd op: 2-2-2005
Berichten: 45457

BerichtGeplaatst: 12 Sep 2010 13:26    Onderwerp: Reageer met quote

Inhoudsopgave
Inleiding
De verpleegkundigen
Kennis en ervaring lieten te wensen over
Het werk leidde tot enorme vermoeidheid
Het hospitaal liet pas echt zien wat oorlog was
Verpleging en seksualiteit
Kritische houding tegenover curatieve hulpverlening ten tijde van de oorlog
_________________
Met hart en ziel
De enige echte

https://twitter.com/ForumWO1
Naar boven
Bekijk gebruikers profiel Stuur privé bericht Verstuur mail Bekijk de homepage
Yvonne
Admin


Geregistreerd op: 2-2-2005
Berichten: 45457

BerichtGeplaatst: 12 Sep 2010 13:35    Onderwerp: Reageer met quote

Inleiding

De Eerste Wereldoorlog was een oorlog met, in iets meer dan vier jaar tijd, ongeveer 9.000.000 dode en 40.000.000 gewonde soldaten. Dan komen daar de vele, vele zieken nog bij, waarbij aangetekend moet worden dat ik daarbij uitga van een hedendaagse definitie van ziek en gewond.

Dit leidt meteen tot de eerste medische kanttekening. Het was niet de taak der medici om de soldaten weer gezond te maken, maar om hen gevechtsklaar te maken. Het medische stond, zoals zoveel zo niet alles in die tijd, in het teken van het militaire. De medische noodzaak was ondergeschikt aan de militaire noodzaak, het medische werk diende het belang van de militaire inspanning.

Bovendien echter was het de taak der artsenij zo veel mogelijk de staat geld te besparen, wat leidde tot een verandering van de definities van ziek en gezond. Ziek werd: ziek of gewond níet als gevolg van de oorlog, en gewond werd: ziek of gewond wél als gevolg van de oorlog.

De medici moesten zoveel mogelijk mensen ziek zien te verklaren - waarvan uiteraard voornamelijk de psychisch gewond geraakten de dupe werden - omdat alleen bij ziekte of verwonding als gevolg van de oorlog de staat een pensioen hoefde uit te betalen.

De verpleegkundigen
Maar over naar de verpleegkundigen. Daarvoor is het noodzakelijk enkele cijfers te geven. Aan het begin van de oorlog was het aantal artsen en verpleegkundigen, evenals het aantal mitrailleurs, gering. Maar zoals het aantal mitrailleurs al snel fiks begon te groeien, zo begonnen ook de medische diensten fiks uit te dijen.

Het Royal Army Medical Corps, bijvoorbeeld, het RAMC, groeide van 20.000 artsen en verpleegkundigen in 1914 tot 13.000 officieren van gezondheid en 150.000 overigen in 1918.

Die Britse artsen en verpleegkundigen dienden in totaal 1088 miljoen keer een medicijn toe; legden 1,5 miljoen spalken en 108 miljoen verbanden aan; verbruikten 7250 ton katoen en zetten meer dan 20.000 keer een kunstoog in.

De Duitse militair geneeskundige dienst verstrekte maar liefst 200 miljoen immunisaties: gemiddeld vijftien per soldaat. Zij had de beschikking over 3.355 hospitalen met bijna 200.000 bedden. Er werd 534 miljoen mark voor de medische hulp ingezameld, waar nog voor 200 miljoen mark aan ingezameld materiaal bijkwam.

Het Amerikaanse leger had in 1916 een aantal van 443 medici en 146 reserves ter beschikking. Aan het eind van de oorlog was dit aantal tot ongeveer 31.000 gestegen. Het Army Nurse Corps was gegroeid van 400 naar 21.500 verpleegsters. Hier moeten nog meer dan 200.000 mannen en vrouwen aan overig personeel bij opgeteld worden.




(c)http://web.viu.ca/davies/H482.WWI/women.myth.symbol.reality.images.htm


Historicus Denis Winter zei over dergelijke cijfers: ‘If the pain represented by these figures could be similarly quantified, then it would be beyond any man to comprehend such grief.’

Kennis en ervaring lieten te wensen over

Het leidt geen twijfel dat kennis en ervaring van al deze artsen en verpleegkundigen te wensen overgelaten hebben. Er staan een paar zeer bloederige voorbeelden van vermeld in Henriette Riemanns ‘Schwester der vierten Armee’, een opmerkelijk boek met onder meer de zelfmoord van een soldaat en een zwanger geraakte verpleegster die abortus laat plegen.

Deze onkunde is direct op de oorlogssituatie terug te voeren. Ten eerste maakte die het noodzakelijk de eisen terug te brengen – zowel voor de rekruten, als voor hen die voor hen moesten zorgen - en ten tweede was er voor scholing en nascholing nauwelijks tijd, en was er vaak evenmin mogelijkheid toe.

Er is weliswaar geen reden om aan de werklust van de gemiddelde arts en verpleegkundige te twijfelen, maar al werkten zij allen zo hard ze konden, en al werden de medische diensten nog zo groot, er moet worden vastgesteld dat de medische zorg machteloos stond, iets waarover verpleegster Ellen LaMotte, wier prachtige en onthutsende ‘The Backwash of War’ onlangs in het Nederlands is vertaald als ‘Het Kielzog van de Oorlog’ zei dat ‘the science of healing stood baffled before the science of destruction.’

Ten eerste bleef het aantal artsen en verpleegkundigen te klein, voor de behandeling van de lichamelijk en psychisch gewonde en zieke soldaten. Bovendien: hoezeer men er ook in slaagde percentages terug te dringen, de absolute aantallen stegen, en zij stegen enorm.

Daarbij werd dan misschien wel de strijd tegen oude doodsoorzaken gewonnen, zij werden afgelost door nieuwe. De vuile en onherbergzame omstandigheden van loopgraaf en slagveld leidden veelal tot infectie van wonden, en dit terwijl antibiotica nog niet bestonden.



(c)http://members.kos.net/sdgagnon/nfg.html

Vervoer van de gewonden vanuit het moerasachtige niemandsland naar de hulpposten nam soms uren in beslag. Als de gewonden worden meegerekend die niet door de brancardiers werden ontdekt, of wel werden ontdekt maar niet werden meegenomen, of bij aankomst in de eerste hulppost bleken te zijn overleden, dan blijkt dat een gewonde Brit of Duitser niet een kans van één op twaalf, maar slechts van een op zes à zeven en een Fransman zelfs maar van een op vier had, een verwonding niet te overleven.

Het vaak genoemde sterftepercentage van acht is een percentage van gewonden die levend in de eerste hulppost arriveerden. Van de gewonden op zich stierf maar liefst 15 à 25 procent. En hiermee kwamen de strijders aan het Westelijk Front er nog goed vanaf. Aan het Oostelijk Front stierf van de Russische en Servische gewonden meer dan 50 procent.

Overigens steeg het aandeel mannen in de verpleegkundigen naarmate het front dichterbij kwam. De Frontschwester, zoals bezongen in het niet geheel toevallig uit 1936 stammende ‘Frontschwestern - Ein Deutsches Ehrenbuch’, is een mythe. Zo kan bijvoorbeeld Riemanns boek als één lange, vergeefse poging worden gelezen om zichzelf dichter aan het front werkzaam te krijgen.
_________________
Met hart en ziel
De enige echte

https://twitter.com/ForumWO1


Laatst aangepast door Yvonne op 12 Sep 2010 13:56, in totaal 1 keer bewerkt
Naar boven
Bekijk gebruikers profiel Stuur privé bericht Verstuur mail Bekijk de homepage
Yvonne
Admin


Geregistreerd op: 2-2-2005
Berichten: 45457

BerichtGeplaatst: 12 Sep 2010 13:43    Onderwerp: Reageer met quote

Het werk leidde tot enorme vermoeidheid
Maar front of basishospitaal of ergens daar tussenin: het werk leidde bij de artsen, maar misschien nog wel meer bij de verpleegkundigen, tot enorme vermoeidheid, ondanks dat tijden van continue, afmattende activiteit werden afgewisseld met tijden van mateloze verveling.

De vermoeienis was immers niet alleen het gevolg van de hoeveelheid, maar ook van de aard en de impact van het werk. Het leidde bij velen tot een niet aflatend gevoel van uitputting. Bij Jane De Launoy, verpleegster in hospitaal L’Ocean in de Panne, dat toentertijd wel als de hoofdstad van België gold, vormt de vermoeienis, zoals ook het geval was in de oorlogsbrieven van de Canadese verpleegster Frances Cluett, de rode draad in haar dagboek.





Afgaand op een notitie in januari 1916 was de vermoeidheid nog groter dan die van de artsen.
De verpleegsters moesten namelijk ‘onophoudelijk heen en weer hollen, terwijl zij steeds ter plaatse blijven. Wij moeten alles regelen, zij poetsen de plaat zodra hun tussenkomsten beëindigd zijn.’

De vermoeidheid die zij voelde was een vermoeidheid die niet met één keer goed slapen of zelfs een paar weken rust, zou verdwijnen. ‘De vermoeidheid zit diep en het zal maanden, zo niet jaren duren om opnieuw weerstand op te bouwen.

De vermoeienis en de beelden leidden tot afstomping, een overigens noodzakelijk proces omdat anders het werk niet kon worden volgehouden. K.E. Luard, verpleegster van het British Red Cross, zag bij Ieper in augustus 1917 velen sterven. Hun bedden werden meteen weer gevuld.

'One has got so used to their dying that it conveys no impression beyond a vague sense of medical failure. You forget entirely that they were once civilians, that they were alive and well yesterday… all you realize is that they are dead soldiers, and that there are thousands like them… Pretty beastly, isn’t it?'

Bij sommigen echter wilden gewenning en afstomping maar niet komen, ofschoon ze wisten dat die eigenlijk levensnoodzakelijk waren. Helen Zenna Smith, pseudoniem van Evadne Price, schreef in haar ‘Not so Quiet’, dat gebaseerd was op het oorlogsdagboek van ambulancechauffeur Winifred Young: ‘I whimpered like a puppy…I couldn’t go on…I was a coward… I couldn’t face those stretchers of moaning men again…men torn and bleeding and raving’. En Enid Bagnold, schrijfster van A Diary Without Dates, nuanceerde de noodzakelijkheid van de gewenning met de opmerking dat het dan wel de toekijker, en niet de stervende was, die vergiftigd was.

Zie ook: http://www.janebadgerbooks.co.uk/misc/enidbagnold.html



In tegenstelling tot Bagnold was De Launoy een professionele verpleegster die zich bijvoorbeeld vreselijk kon opwinden over opmerkingen dat verpleegsters alleen maar beminnelijk hoefden te zijn. Beminnelijkheid alleen had nog nooit een leven gered. Maar zelfs zij, en dat gold ook voor de nog meer geharde militaire artsen en verpleegkundigen, zag dus beelden die nauwelijks geestelijk te verwerken waren.
_________________
Met hart en ziel
De enige echte

https://twitter.com/ForumWO1


Laatst aangepast door Yvonne op 12 Sep 2010 13:55, in totaal 1 keer bewerkt
Naar boven
Bekijk gebruikers profiel Stuur privé bericht Verstuur mail Bekijk de homepage
Yvonne
Admin


Geregistreerd op: 2-2-2005
Berichten: 45457

BerichtGeplaatst: 12 Sep 2010 13:55    Onderwerp: Reageer met quote

Het hospitaal liet pas echt zien wat oorlog was

De Launoy had eind 1916 in haar dagboek zelfs al een voorschot genomen op Remarque’s ‘Im Westen nichts Neues’ toen zij schreef dat er zogenaamd niets nieuws was aan het Belgisch front. Alleen maar ‘een grote buikoperatie: kapotte milt, doorboorde maag en ingewanden… de man begeeft op de operatietafel. Wat stelt een mensenleven voor: “Niets te melden aan het Belgisch front!”’

Volgens Remarque liet het hospitaal pas echt zien wat oorlog was en Ernst Jünger liet zich in eendere bewoordingen uit. Cluett zal met hen hebben ingestemd: 'You can read about war, and the wounded, but when you are brought face to face with it, I tell you, it is heart rending. […] If this war does not soon end there won’t be a man living on the face of the earth. It is brutal; it is cold-blooded murder; it is hell upon earth.’

Het laat zich raden hoe moeilijk de zich vrijwillig gemelde burgers zoals Bagnold of Vera Brittain het moeten hebben gehad. Met name zij kregen beelden te verwerken die ze voorheen hoogstens in nachtmerries hadden gezien en waarbij met name de gasslachtoffers, de gezichtsmismaakten en de neurotici diepe indruk maakten, al wekten ook rheumatici en soldaten met loopgraafvoet of gasgangreen diep medelijden op.



Verpleegster S. Millard verafschuwde gas: ‘Gas burns must be agonizing because usually the other cases do not complain even with the worst wounds but gas cases are invariably beyond endurance and they cannot help crying out.’




En De Launoy beschreef tijdens het eindoffensief september 1918 een scène die inhoudelijk dicht bij Wilfred Owens befaamde gedicht Dulce et Decorum staat: ‘De mannen liggen gekleed op bed, zonder adem, blauw, woest en verwilderd, met krampachtige vuisten: slachtoffers van gasaanvallen. Sommigen kunnen zich onmogelijk stilhouden, anderen liggen neergeploft met geopende arm waaruit we 400 gram bloed moeten laten wegvloeien. […] Velen zullen blind blijven. […] Waarom worden zij die oorlog willen en voorbereiden niet met de wreedste folteringen tot de verstikkingsdood gebracht… zij die er baat bij hebben anderen te vernietigen terwijl ze zelf veilig zijn.’

Bij de verpleging van de gezichtsmismaakten kwam daar nog een factor bij, zoals orderly corporal Ward Muir uitlegde. ‘[The hospital worker] finds that he must fraternise with his fellow-men at whom he cannot look without the grievous risk of betraying, by his expression, how awful is their appearance. […] [The patient] is aware of just what he looks like therefore you feel intensely that he is aware you are aware, and that some unguarded glance of yours may cause him hurt. This, then, is the patient at whom you are afraid to gaze unflinchingly, not afraid for yourself but afraid for him.’



Hideous’ was het enig mogelijke woord dat Muir kende om deze verbrijzelde gezichten te kunnen beschrijven. Hij had zich nooit kunnen voorstellen wat lege, vochtige oogkassen, volledig kapotte of afwezige kaakgewrichten en gedeeltelijk of geheel weggeschoten neuzen met het uiterlijk van een mens deden, maar nu wist hij het en zijn maag draaide er geregeld van om. Hij kon zich dan ook weinig voorstellen bij hun terugkeer in de maatschappij, ook niet van hen bij wie plastische chirurgie tot enige verbetering had geleid, omdat verbetering zich meer dan ooit een relatief begrip toonde.

Hulpverpleegster Claire Elise Tisdall beschreef de aankomst van een trein met mental-cases. ‘There was nothing you could do and they were going to a special place. They were terrible.’

Maar zeker bij de oorlogsneurotici was medelijden niet de enige reactie. Ernst Toller bijvoorbeeld kreeg ondanks dat hij een gedecoreerd soldaat was, met geheel andere reacties te maken. Hij had, zoals in Engeland bijvoorbeeld Siegfried Sassoon had gedaan, tegen voortgang van de oorlog geprotesteerd. Het leverde hem een krankzinnigheidsverklaring op mede omdat zijn uit een oud Pruisisch geslacht stammende moeder niet kon geloven dat haar zoon pacifist en socialist was geworden. Hij moest dus wel gek zijn.
_________________
Met hart en ziel
De enige echte

https://twitter.com/ForumWO1
Naar boven
Bekijk gebruikers profiel Stuur privé bericht Verstuur mail Bekijk de homepage
Yvonne
Admin


Geregistreerd op: 2-2-2005
Berichten: 45457

BerichtGeplaatst: 12 Sep 2010 14:04    Onderwerp: Reageer met quote


(c)http://www.wfa-usa.org/new/shellshock.htm

Het werd bijna een self-fulfilling prophecy ten eerste door de aanwezigheid van echte gekken, maar zeker ook door de instelling van de uiterst nationalistische artsen en verpleegkundigen. Toen hij eens om een slaapmiddel vroeg, kreeg hij van de verpleegster nul op zijn rekest. ‘Eerst het vaderland verraden en dan om een slaapmiddeltje zeuren! Ik dacht het niet!´.

Zoals ook met de afstomping het geval was, was een daar direct mee samenhangende zekere hardheid noodzakelijk, maar het relaas van Toller geeft aan dat die in de hand werd gewerkt door de eerder genoemde voorrang aan de militaire noodzaak. Zoals eerder gezegd was het vooral de taak van de geneeskunde de gevechtskracht hoog te houden.

'Gezond' was een ander woord voor klaar om naar het front te gaan, of op zijn minst naar de wapenfabriek, en zwaargewonden moesten maar hopen dat er niet al te veel eventueel weer inzetbare lichtgewonden waren. Het maakte dat de medische diensten er zeker niet altijd goed opstonden.

Verpleging en seksualiteit
Zo werd de afkorting RAMC door de soldaten wel met ‘Rob All My Comrades’ vertaald. Ook de verpleegsters werden zeker niet altijd gezien en opgehemeld als heldhaftige madonna’s, als hooggesloten, seksloze ‘roses of no man’s land’, zoals het boek van Lyn MacDonald over de WOI-verpleegsters heet. Zij werden ook beschimpt als hoeren die eerder uit waren op het behagen van de arts dan het verzorgen van de patiënt.

Niet voor niets stond in de volgens de Oostenrijkse seksuoloog Hans Magnus Hisrchfeld populairste uiting van fronterotiek, de door Duitse soldaten opgestelde Feldpuffordnung, dat het in de buurt van hospitalen met Rode-Kruiszusters niet nodig was bordelen in te richten.

Het was een reputatie waarover iemand als De Launoy zich mateloos kon opwinden, maar die toch niet helemaal is af te doen als vuige laster of waanidee, die meer zegt over de soldaten dan over de verpleegsters, zoals ook haar eigen dagboek enkele malen liet zien.

Natuurlijk waren verpleegsters richting front getrokken om zieken en gewonden te verplegen. Maar dat wil niet zeggen dat aardsere, menselijkere motieven en wensen niet ook een rol speelden zoals de zucht naar avontuur; de wens op de voor hen enig mogelijke, vrouwelijke wijze ook aan de oorlog deel te nemen en het vaderland te dienen, en/of de zucht naar omgang met de naar het front vertrokken mannen.

Die verpleegsters, opgegroeid in een seksueel gezien niet al te frivole tijd, kregen die mannen nu ineens te zien op een manier zoals de meesten hen nog nooit hadden gezien. De plotselinge omgang met massa’s naakte mannen riep zonder meer bij de totaal onvoorbereide verpleegsters seksuele spanningen op, iets wat bijvoorbeeld in Bagnolds Diary without Dates volkomen duidelijk wordt.

En in omgekeerde zin zegt Mary Borden, schrijfster van ‘The Forbidden Zone’, eigenlijk hetzelfde als ze schrijft dat de mannen die ze verpleegde nauwelijks nog mannen konden worden genoemd, ‘so why should I be a woman?’



(c)WFA-US

Overigens had Borden geen hoge pet op van de oorlogsgeneeskunde. Zij vergeleek het verwonden, oplappen, terugsturen, verwonden, oplappen, terugsturen, met het stoppen van sokken tot ze werkelijk totaal op waren. Ook zij sprak over een verpleegster die alleen in de gewonden als patiënt en niet als man geïnteresseerd was, maar dat zij haar zo expliciet naar voren haalde, bewijst eigenlijk dat het daarbij de uitzondering betrof en niet de regel.

Dus is het, ofschoon de bewoordingen weinig fijnzinnig waren en een negatief normatieve lading hadden, dit in tegenstelling tot wat iemand als Magnus Hirschfeld over seks en verpleging schreef, geen wonder dat na de oorlog een deel van die verpleegsters door de arts Emil Flusser, in diens pacifistische ‘Krieg als Krankheit’, werd gekarakteriseerd als ‘kleinburgerlijke meisjes en dames uit de hoogste burgerlijke en aristocratische kringen’, die ‘flatteuse verpleegsteruniformen droegen’ waardoor zij toegang kregen tot de hospitalen. Dit omdat zij ‘bloed wilden zien en naakte, door pijn gekwelde lijven’.

Ook Brittain kwam in haar onvolprezen ‘Testament of Youth’ op deze kant van het verpleegwerk te spreken. Zij had sinds haar vierde of vijfde levensjaar nooit meer mannelijk naakt gezien, en volwassen mannelijk naakt al helemaal nooit.



Ze had naar eigen zeggen weliswaar nooit het bed met een van de gewonde soldaten gedeeld, maar doordat van beide zijden de verwachte nervositeit en schaamte uitbleven, had zij verder in haar vier jaren als oorlogsverpleegster zo’n beetje iedere intieme handeling met hen uitgevoerd, met hen móeten uitvoeren, die maar denkbaar was. De door persoonlijk verlies zeer hard getroffen Brittain was de oorlog niet voor veel dingen dankbaar, maar wel daarvoor dat hij haar had bevrijd van veel van de seksuele remmingen die haar Victoriaanse opvoeding met zich had meegebracht.

Het protest dat het beeld van een vrijende verpleegster vaak oproept, de vaak emotionele ontkenning dat dit beeld klopt, heeft dan ook minder te maken met de daadwerkelijke afwezigheid ervan als wel met de wens de verpleegster te ontvrouwelijken, de verpleegster van haar seksualiteit te ontdoen en haar te veranderen in een letterlijk onmenselijke en ook volstrekt oninteressante heilige. In die zin hebben de ontkenners meer gemeenschappelijk met de fulminerende soldaten of iemand als Flusser, dan op het eerste gezicht lijkt.
_________________
Met hart en ziel
De enige echte

https://twitter.com/ForumWO1
Naar boven
Bekijk gebruikers profiel Stuur privé bericht Verstuur mail Bekijk de homepage
Yvonne
Admin


Geregistreerd op: 2-2-2005
Berichten: 45457

BerichtGeplaatst: 12 Sep 2010 14:12    Onderwerp: Reageer met quote

Kritische houding tegenover curatieve hulpverlening ten tijde van de oorlog

Het waren zaken als het plaatsen van de militaire boven de medische noodzaak, de gruwelijke gezondheidsproblemen die van de oorlog het gevolg waren, en de schier eindeloze en zinloos lijkende curatieve inspanningen, die in de loop van de strijd een aantal artsen en verpleegsters tot het idee bracht dat zij meer in dienst stonden van Mars dan van Hippocrates; meer de dood dienden dan het leven, en dat strijd tot preventie van oorlog wellicht meer zoden aan de dijk zou zetten dan curatieve hulpverlening ten tijde van de oorlog.

Een deel daarvan ging zelfs zover te veronderstellen dat het misschien beter was om de gewenste hulp niet meer te verlenen. Was het op de lange termijn niet verstandiger hulp te weigeren en zeker verstandiger om niet meer aan de voorbereiding ervan mee te werken?


Zo zou een steentje kunnen worden bijgedragen aan de bestrijding van de oorzaak van al het leed, de oorlog, in plaats van dat men door het telkens weer oplappen van de zieken en gewonden, waarna ze weer richting front moesten, die oorzaak juist in stand hield.

Zonder hulp zouden de soldaten niet wederom inzetbaar kunnen worden; dan zouden de legers snel te klein zijn om door te kunnen vechten; dan zou de oorlog sneller afgelopen zijn; dan zouden de medici weliswaar geen levens meer redden, maar dan zou het medische werk ook niet meer tot verlenging van de strijd en daarmee tot het verlies van levens leiden.

Die discussie speelde met name in het Interbellum, maar was in de oorlog zelf, en wel medio 1918, al op gang gebracht door Jeanne van Lanschot Hubrecht, lid van de radicale verpleegstersvakbond Nosokómos, en goede vriendin van Aletta Jacobs.

De aanleiding voor haar opmerkingen was een voorstel tot burgerdienstplicht voor vrouwen bij het Rode Kruis, analoog aan de militaire dienstplicht voor mannen. Zo zouden ook alle vrouwen, en zeker de verpleegsters onder hen, een steentje aan ’s lands weerbaarheid kunnen bijdragen.

‘Wij weten hoe in de oorlogvoerende landen de medische wetenschap alles in het werk stelt om te trachten de mannen zoo snel mogelijk te repareeren met het doel om … ze weer naar het front te zenden; en dat herhaalt tot er een wrak of een lijk overblijft. Telkens worden de mannen terug gestuurd om weer het moordend werk, want anders kan ik het niet noemen, op zich te nemen. En nu vraag ik u: wilt gij daartoe mede werken door aanvaarding van den burger dienstplicht?’

In de ogen van Van Lanschot Hubrecht zou massale medische werkweigering oorlogen verkorten en nieuwe oorlogen mee helpen voorkomen. En daarmee zou tevens meer leed worden voorkomen dan alle dokters en verpleegsters ter wereld konden helen.

Zoals gezegd zou haar standpunt, bijvoorbeeld als gevolg van de oprichting in het Amsterdamse Wilhelmina Gasthuis in 1930 van de Anti-Oorlogsgroep Verplegenden, navolging krijgen, maar zelf zou zij geen kans meer krijgen het verder uit te dragen. Van Lanschot Hubrecht, die voor het blad Nosokómos de rubriek buitenland verzorgde en daardoor goed op de hoogte was van het verloop van de strijd, zou op 2 oktober 1918, een goede maand voor het einde van de oorlog, overlijden. Volgens een der meest vooraanstaande leden had daarmee de vakbond Nosokómos haar ziel verloren.
_________________
Met hart en ziel
De enige echte

https://twitter.com/ForumWO1
Naar boven
Bekijk gebruikers profiel Stuur privé bericht Verstuur mail Bekijk de homepage
Yvonne
Admin


Geregistreerd op: 2-2-2005
Berichten: 45457

BerichtGeplaatst: 12 Sep 2010 14:13    Onderwerp: Reageer met quote

Over de auteur: Dr. Leo van Bergen (1959) is medisch-historicus aan het VUmc-Amsterdam, afdeling Metamedica. Hij is gespecialiseerd in de relatie tussen oorlog en geneeskunde. Op 6 juni 2009 kreeg hij de Dr. J.A. Verdoornprijs uitgereikt vanwege zijn uitmuntend wetenschappelijk werk op het gebied van oorlog en geneeskunde. Zijn bekende boek over de Eerste Wereldoorlog, Zacht en Eervol. Lijden en sterven in een Grote Oorlog, verscheen in maart 2009 bij Ashgate Publishing onder de titel Before my Helpless Sight. Suffering, Dying and Military Medicine on the Western Front.


© 2010 - Leo van Bergen.
De auteursrechten van bovenstaand artikel berusten bij de auteur. Voor gehele of gedeeltelijke overname is dan ook uitdrukkelijk voorafgaande schriftelijke toestemming vereist van de auteur: l.vanbergen@vumc.nl l.vanbergen@vumc.nl Ook vragen en opmerkingen kunnen via dit emailadres aan de auteur worden voorgelegd.
_________________
Met hart en ziel
De enige echte

https://twitter.com/ForumWO1
Naar boven
Bekijk gebruikers profiel Stuur privé bericht Verstuur mail Bekijk de homepage
Yvonne
Admin


Geregistreerd op: 2-2-2005
Berichten: 45457

BerichtGeplaatst: 13 Sep 2010 12:06    Onderwerp: Reageer met quote

Over Vera Brittain:
http://forumeerstewereldoorlog.nl/viewtopic.php?t=23217
_________________
Met hart en ziel
De enige echte

https://twitter.com/ForumWO1
Naar boven
Bekijk gebruikers profiel Stuur privé bericht Verstuur mail Bekijk de homepage
Yvonne
Admin


Geregistreerd op: 2-2-2005
Berichten: 45457

BerichtGeplaatst: 16 Sep 2010 20:58    Onderwerp: Reageer met quote

Vera Brittains boek online:
http://forumeerstewereldoorlog.nl/viewtopic.php?t=23205
_________________
Met hart en ziel
De enige echte

https://twitter.com/ForumWO1
Naar boven
Bekijk gebruikers profiel Stuur privé bericht Verstuur mail Bekijk de homepage
Yvonne
Admin


Geregistreerd op: 2-2-2005
Berichten: 45457

BerichtGeplaatst: 31 Okt 2010 13:55    Onderwerp: Reageer met quote

Quote:


Verpleging in de jaren 1914-1918 was een harde, zeer vermoeiende en ondankbare taak die er ook nog eens op gericht was de soldaten niet gezond, maar gevechtsklaar te maken


Zonder ook maar iets af te doen aan 1914-1918 en hoeft er in Europa geen gewonde, gekwetste, meer gevechtsklaar gemaakt worden.
Maar is er zoveel veranderd dan?
_________________
Met hart en ziel
De enige echte

https://twitter.com/ForumWO1
Naar boven
Bekijk gebruikers profiel Stuur privé bericht Verstuur mail Bekijk de homepage
Yvonne
Admin


Geregistreerd op: 2-2-2005
Berichten: 45457

BerichtGeplaatst: 06 Nov 2011 10:48    Onderwerp: Reageer met quote

http://www.forumeerstewereldoorlog.nl/viewtopic.php?t=26227

Verboden gebied- Mary Borden


Deze week is bij Uitgeverij De Bezige Bij, de Nederlandse vertaling van Mary Bordens vergeten oorlogsklassieker: 'The Forbidden Zone' van de persen gerold. Het boek dateert uit 1929 en werd nooit eerder naar het Nederlands vertaald. Schrijver Erwin Mortier vertaalde het werk van de frontverpleegster als 'Verboden Gebied.'

_________________
Met hart en ziel
De enige echte

https://twitter.com/ForumWO1
Naar boven
Bekijk gebruikers profiel Stuur privé bericht Verstuur mail Bekijk de homepage
Berichten van afgelopen:   
Plaats nieuw bericht   Plaats Reactie    Forum Eerste Wereldoorlog Forum Index -> Medische verzorging Tijden zijn in GMT + 1 uur
Pagina 1 van 1

 
Ga naar:  
Je mag geen nieuwe onderwerpen plaatsen
Je mag geen reacties plaatsen
Je mag je berichten niet bewerken
Je mag je berichten niet verwijderen
Ja mag niet stemmen in polls


Powered by phpBB © 2001, 2002 phpBB Group